Een nieuwe laag op een plat dak begint niet bij de keuze tussen twee rollen dakbedekking. Eerst moet duidelijk zijn waarom de bestaande laag aan vervanging toe is, hoe de ondergrond eraan toe is en waar regenwater naartoe gaat. Pas daarna kunt u bitumen en EPDM eerlijk vergelijken. Beide materialen kunnen een goede oplossing zijn, maar ze worden anders aangebracht en passen niet zonder meer op iedere dakopbouw.
Een uitbouw uit de jaren dertig vraagt om een andere aanpak dan een recente dakkapel of een bedrijfsdak met meerdere afvoeren. Ook windbelasting en de bereikbaarheid tellen mee. Een keuze op basis van alleen het materiaal is daarom te beperkt.
Begin met de bestaande dakopbouw
Onder de zichtbare daklaag kunnen isolatie, een dampremmende laag en een draagvloer liggen. Vocht tussen deze lagen is niet altijd van buitenaf te zien. Nieuwe dakbedekking over een vochtige of beschadigde opbouw laat het probleem bestaan.
Een dakinspectie in Rotterdam geeft inzicht in scheuren, blazen, losliggende naden en zwakke aansluitingen. Daarbij hoort ook controle van dakranden, doorvoeren, lichtkoepels en hemelwaterafvoeren. Soms kan de bestaande bedekking als onderlaag blijven liggen. In andere situaties is verwijderen verstandiger, bijvoorbeeld wanneer meerdere oude lagen aanwezig zijn, de hechting slecht is of de ondergrond moet worden hersteld.
Extra isolatie beïnvloedt de aansluiting bij dorpels, gevels en dakranden. De beschikbare hoogte bepaalt mede welke oplossing uitvoerbaar is.
Bitumen: vertrouwd en goed te detailleren
Bitumen dakbedekking bestaat uit banen die met overlap worden aangebracht. Afhankelijk van het gekozen systeem gebeurt dat door branden, kleven of mechanisch bevestigen. Vooral bij daken met veel hoeken, opstanden en doorvoeren biedt bitumen praktische mogelijkheden: de dakdekker kan banen en stroken gericht op maat verwerken.
Welke bitumineuze opbouw passend is, hangt af van de ondergrond en van de vraag of de bestaande laag behouden blijft. Werken met een brander is niet op iedere locatie wenselijk. Bij brandbare delen kan een andere bevestigingsmethode nodig zijn.
Een nette overlap alleen is niet genoeg; de ondergrond moet geschikt, droog en voldoende vlak zijn. Ook de aansluitingen rond afvoeren en dakranden vragen zorgvuldige verwerking.
EPDM: grote membranen met weinig veldnaden
EPDM is een synthetisch rubber dat vaak als groot membraan wordt aangebracht. Daardoor zijn op het vrije dakvlak meestal minder naden nodig dan bij banen bitumen. Het materiaal wordt doorgaans verlijmd en bij randen, hoeken, afvoeren en doorvoeren met passende hulpstukken afgewerkt.
Minder naden betekent niet dat de uitvoering eenvoudig is. De ondergrond moet schoon, droog, stabiel en geschikt voor verlijming zijn. Plooien, luchtinsluitingen en spanning bij hoeken kunnen problemen geven. Ook bij een afvoer, lichtkoepel of gevelaansluiting moet de verwerking kloppen.
EPDM kan interessant zijn bij een overzichtelijk dakvlak waarop een groot membraan goed te positioneren is. Op een klein dak met veel obstakels neemt het aantal detailaansluitingen toe. Dan moet worden beoordeeld of EPDM nog steeds praktisch is, of dat bitumen beter aansluit bij de vorm en bestaande opbouw.
Afschot en afvoer bepalen of water weg kan
Geen enkele dakbedekking corrigeert vanzelf een verkeerd afschot. Blijft na regen langdurig water staan, dan moet worden onderzocht waar dat door komt. Mogelijke oorzaken zijn verzakking, een onvoldoende hellende ondergrond, een te hoge afvoer of plaatselijke oneffenheden. Alleen een nieuwe toplaag aanbrengen verandert die geometrie niet.
Het water moet zonder barrières naar de hemelwaterafvoer lopen. Ook de capaciteit en positie van de afvoer verdienen aandacht. Een noodoverloop kan de gevolgen van extreme neerslag beperken, mits deze op de juiste hoogte zit.
Wind en slagregen belasten dakranden en opstanden. De bevestiging en randafwerking moeten daarom passen bij het gebouw, de ligging en de hoogte.
Combineer vervanging met een controle van de isolatie
Wanneer de dakbedekking toch wordt vernieuwd, is dat een logisch moment om de isolatie te beoordelen. Slecht aansluitende, natte of te dunne isolatie kan warmteverlies en koude plekken veroorzaken. De oplossing hangt af van de bestaande constructie en de plaats van het isolatiemateriaal in de dakopbouw.
Extra isoleren verandert vaak de hoogte van het dakpakket. Afvoeren, dakranden, koepels en aansluitingen moeten daarop worden aangepast. Ook de verhouding tussen isolatie en dampremming vraagt aandacht om condens in de constructie te voorkomen. Op de pagina over dakisolatie in Rotterdam leest u welke punten bij die beoordeling horen.
Materiaalkeuze en isolatiekeuze kunnen dus niet los van elkaar worden gemaakt. Zowel bitumen als EPDM kan deel uitmaken van een geïsoleerde dakopbouw, mits de lagen technisch op elkaar aansluiten en de details voldoende ruimte bieden.
Bitumen of EPDM: waarop baseert u de keuze?
Bij een recht en goed bereikbaar dakvlak kan EPDM aantrekkelijk zijn vanwege het grote membraan en het beperkte aantal veldnaden. Bitumen kan juist handig zijn op een dak met veel onderbrekingen, complexe vormen of een bestaande bitumineuze laag die na beoordeling geschikt blijkt als basis. Dat zijn richtingen, geen vaste regels.
Laat bij de keuze ten minste deze punten meewegen:
- de staat, vlakheid en vochtigheid van de ondergrond;
- het aantal dakdoorvoeren, hoeken, koepels en opstanden;
- het afschot en de ligging van afvoeren en noodoverlopen;
- de gewenste of noodzakelijke aanpassing van de isolatie;
- de beschikbare aansluitingshoogte bij gevels en dorpels;
- de manier waarop het materiaal veilig kan worden bevestigd;
- toekomstig gebruik, zoals zonnepanelen, installaties of geregeld onderhoud.
Een specialist in platte daken kan deze onderdelen in samenhang beoordelen. Vraag bij een voorstel niet alleen naar de naam van het materiaal, maar ook naar de voorbereiding van de ondergrond, de laagopbouw en de afwerking van ieder kritisch detail. Zo kunt u offertes inhoudelijk vergelijken in plaats van alleen twee materiaalnamen naast elkaar te zetten.
Zorgvuldige uitvoering voorkomt zwakke plekken
Voor het aanbrengen moet het dak schoon en droog zijn. Beschadigde delen van de ondergrond worden eerst hersteld. De werkvolgorde moet voorkomen dat water achter een aansluiting kan komen.
Na plaatsing worden naden, kimmen, hoeken en afvoeren gecontroleerd. Het dak hoort vrij te zijn van materiaalresten en de afvoer moet open blijven. Foto’s van details zijn nuttig voor later onderhoud.
Veelgestelde vragen
Kan EPDM over bestaande bitumen worden geplaatst?
Dat kan in bepaalde dakopbouwen, maar niet zonder controle. De bestaande laag moet voldoende vast, droog en vlak zijn en de gekozen lijm en eventuele scheidingslaag moeten bij de materialen passen. Bij vocht, blazen of loszittende delen is eerst herstel of verwijdering nodig.
Moet oude dakbedekking altijd worden verwijderd?
Nee. Behoud kan mogelijk zijn als de bestaande laag technisch geschikt is en de nieuwe opbouw geen problemen geeft met gewicht, vocht of aansluitingshoogtes. Meerdere verouderde lagen of een instabiele ondergrond zijn redenen om verwijdering te overwegen.
Welk materiaal is beter bij stilstaand water?
Stilstaand water vraagt eerst om onderzoek naar afschot, verzakking en afvoer. Een materiaalkeuze alleen verhelpt de oorzaak niet. De beste oplossing kan bestaan uit aanpassing van de ondergrond, afschotisolatie of de positie van de afvoer, gevolgd door passende dakbedekking.
Kan dakisolatie tegelijk met nieuwe dakbedekking worden aangebracht?
Vaak wel, en het kan praktisch zijn om beide werkzaamheden te combineren. Vooraf moet worden vastgesteld hoeveel hoogte beschikbaar is en hoe dampremming, afvoeren, dakranden en aansluitingen worden uitgevoerd.
Laat uw platte dak eerst beoordelen
Wilt u dakbedekking laten plaatsen in Rotterdam en twijfelt u tussen bitumen en EPDM? Top Dakwerken beoordeelt de bestaande opbouw, het afschot, de afvoer en de aansluitingen voordat een werkwijze wordt voorgesteld. Neem contact op met Top Dakwerken om uw platte dak en de geschikte materiaalkeuze te bespreken.
Een reactie
[…] Als de bestaande laag op meerdere plaatsen is versleten of de opbouw niet meer geschikt is, kan nieuwe dakbedekking plaatsen onderdeel van het advies zijn. Dat is niet bij iedere plas nodig; eerst moet vaststaan waarom het […]